Het mooie van het Internet is dat het oneindig is, dat je er alles kan
vinden en dat op deze manier bijna geen enkele vraag nog zonder antwoord
blijft. De keerzijde van deze blinkende medaille is dat je in deze
oneindigheid aan gegevens gemakkelijk kan verdwalen en er hopen zinloze tijd
aan kan verliezen. Een handige toepassing om tijd uit te sparen en om door
het bos de bomen nog te kunnen blijven zien, is RSS. ‘RSS’ staat voor
‘Really Simple Syndication’ of ‘Rich Site Summary’. Het is een systeem dat
ervoor zorgt dat je bepaalde informatie-items niet meer zelf moet gaan
opzoeken, maar dat deze als het ware zelf naar je toe komen.
Het RSS systeem, een eenvoudige toepassing van XML internetmetataal, zorgt
ervoor dat bestranden van het RSS-type worden samengebracht bij de persoon
die er om vraagt. Anders uitgedrukt: RSS bestanden worden veelal gebruikt om
een webkopij bijeen te brengen. De informatie die wordt aangeboden in
RSS-formaat noemt men een ‘RSS feed’ of een ‘RSS kanaal’.
In plaats van dus telkens zelf op zoek te gaan naar bepaalde informatie, kan
je met behulp van dit systeem de informatie die je wenst laten samenkomen in
een zogenaamde ‘RSS lezer’. De informatie die daar wordt verzameld is steeds
recent en concreet, waardoor je geen tijd meer verliest met bladeren tussen
en zoeken naar informatie die voor jou relevant is.
RSS werd in 1997 ontwikkeld door Dave Winer bij UserLand Software, het bedrijf
dat vandaag de dag bekend is voor het leveren van software voor het maken van
weblogs. Vanaf 1999 werd RSS voor het eerst op grote schaal toegepast door
Netscape. De browsermaker wilde de technologie gebruiken voor het Netscape
Netcenter, een portaal van Netscape waarop de koppen van nieuwsartikelen van
andere sites dienden te verschijnen. Een groot succes werd het echter niet
waardoor RSS van de Netscape agenda verdween en terug werd 'overgenomen' door
Dave Winer bij UserLand, die de verdere ontwikkeling van de software op zich
nam.
Op die manier kwam RSS in de weblogwereld terecht, waar het vandaag de dag
ontzettend populair is. Veel webloggers bieden RSS-feeds van hun sites aan. De
meeste weblogprogramma's, zoals Blogger, Pivot en UserLand, bieden de
mogelijkheid om automatisch een RSS-feed van je weblog te maken.
Bij de creatie van de eerste versie van RSS door Dave Winer, stond éénvoud
centraal. Het systeem diende eerst en vooral simpel toepasbaar te zijn om een
algemene toepassing te bevorderen. Eén van de eerste commerciële versies, RSS
0.91 bleek echter net iets té simpel te zijn, waardoor UserLand de ontwikkeling
voortzette. Dit bracht tot de releases van enkele opvolgers: RSS 0.92, RSS 0.93
en RSS 0.94.
Daar bleef het echter niet bij. Toen Netscape beslist had niet verder te gaan
met RSS, begon een tweede groep, naast UserLand, te werken aan een verbeterde
opvolger voor RSS 0.9. Het grote verschil met UserLand was dat deze werkgroep
niet vertrok van de basisidee van éénvoud. Het resultaat van dit onderzoek
resulteerde in RSS 1.0, een erg complexe variant van RSS, gebaseerd op
RDF
(Resource Description Framework). Als tegenzet besloot UserLand echter een
nieuwe RSS versie op de markt te brengen, onder de naam RSS 2.0, als opvolger
van RSS 0.94 en dus níet van RSS 1.0.
In dit landschap van verschillende versies van RSS werd uiteindelijk een
gemeenschappelijke groep opgericht voor de ontwikkeling van een
gestandaardiseerde versie van RSS: Atom. De ontwikkeling van deze variant
bevindt zich momenteel aan versie 0.3. Analisten geven Atom alvast een
rooskleurige toekomst. Het valt alleen nog af te wachten in welke mate Atom
algemeen geaccepteerd én gebruikt zal worden…
Met de groei van het aantal weblogs is ook het gebruik van RSS toegenomen.
Weblogs worden in de regel bijgehouden met speciaal ontwikkelde
publicatiesoftware. Dit soort software (bijvoorbeeld
Blogger,
Movable Type,
Pivot en
Radio UserLand) genereert naast de reguliere HTML-output ook vrij
eenvoudig, of zelfs automatisch, een RSS-output.
RSS-bestanden worden in de regel gegenereerd door de publicatiesoftware van
degene die een website onderhoudt. Deze vorm van publiceren is niet louter
voorbehouden aan webloggers. Ook grote webuitgaven als News.com, Washington Post
en vele andere genereren hun kopij behalve in HTML ook in RSS.
Om RSS-bestanden te lezen is aparte software nodig. RSS-lezers zijn er in vele
soorten en smaken, betaald en niet betaald, voor Linux, Macintosh en Windows.
Met sommigen kunnen louter RSS-feeds gelezen worden, met anderen kan ook geblogd
worden en kunnen Usenet-groepen gebruikt worden. Een klein overzicht:
‘Scrapen’ is het omzetten van een HTML-pagina naar een RSS-feed.
HTML-pagina’s moeten soms gescrapet worden, omdat er standaard geen RSS-feed
aanwezig is maar deze wel wenselijk is. Scrapen is een stap tussen het
publiceren van statische HTML-pagina's en het automatisch genereren van
RSS-feeds. AroundMyRoom bijvoorbeeld, scrapet de websites van een aantal
Nederlandse nieuwssites omdat er geen RSS-feeds beschikbaar zijn.
Eens je een RSS-feed al dan niet automatisch tot stand hebt gebracht, ben je
niet noodzakelijk zeker van de kwaliteit van deze RSS-feed. Daarom is het aan te
raden een zogenaamde RSS-validator te gebruiken om na te gaan of een RSS-feed
goed is opgemaakt en goed kan worden gelezen. Een validator controleert of de
RSS-feed aan de gestelde voorwaarden voldoet en geeft, indien nodig, suggesties
voor verbetering.
Er wordt veel gezegd over RSS en RSS-feeds, maar wat zijn nu eigenlijk de voordelen? Voor zover er überhaupt voordelen zijn… Webkopijen lezen via een RSS-lezer bespaart de internaut in ieder geval surf- en zoektijd. RSS biedt dus inderdaad voordelen voor personen die geen tijd willen verliezen met het telkens weer raadplegen van een resem internetsites, maar liever alles gebundeld op één plaats lezen. Vooral wanneer we bijvoorbeeld constant op de hoogte willen blijven van een bepaald thema kan dit interessant zijn. Ook voor professionele doeleinden kan dit nuttige voordelen opleveren, bijvoorbeeld om constant recente economische informatie ‘toegestuurd’ te kunnen krijgen. De enige bedenking die hier gemaakt moet worden, is dat RSS niet door alle websites wordt gebruikt, maar voornamelijk door websites die regelmatig worden bijgewerkt.
RSS-feeds zijn over het algemeen te herkennen aan de aanwezigheid van een
rechthoekig, oranje blokje met daarin de witte letters XML ( ) of een blauw
blokje met de tekst RDF (
). Andere mogelijkheden zijn louter tekstuele
verwijzingen in bewoordingen als RSS, RDF en XML, al dan niet in combinatie met
de term 'syndicatie'. Deze tekst of afbeelding is met een hyperlink verbonden
met de RSS-feed. Het internetadres van de RSS-feed kan simpelweg gekopieerd
worden door op de rechter muisknop te klikken, gevolgd door het commando
'Kopiëren'. De link moet vervolgens in de RSS-lezers 'geplakt' worden.
RSS-lezers als NewzCrawler en Syndirella herkennen tijdens een surftocht
automatisch of een website al dan niet beschikt over een RSS-output. Althans,
als het RSS-leesprogramma en de Autodiscovery-optie aan staan. De aanwezigheid
van de RSS-feed wordt gemeld aan de computergebruiker en deze bepaalt of de
RSS-feed al dan niet aan het programma toegevoegd mag worden.
Hier onder volgt een opsomming van een aantal Nederlandse en Engelse
artikelen die verder in gaan op huidige RSS-praktijken.
Praktische Fiches opgesteld door ICRI, gecoördineerd door Fabio Gilio