Verkoop tussen particulieren op het internet
De verkoop van particulier aan particulier op het internet of elders, wordt
beheerst door de klassieke bepalingen van het Burgerlijk Wetboek over de
verkoop. Het verkoopcontract wordt als volgt gedefinieerd: "een overeenkomst
waarbij de ene partij zich verbindt om een zaak te leveren, en de andere om
daarvoor een prijs te betalen" (artikel 1582 van het Burgerlijk Wetboek).
De verkoop wordt voltooid tussen de partijen en de zaak is met recht eigendom
van de koper ten opzichte van de verkoper zodra men akkoord gaat over de
verkochte zaak en de prijs, zelfs als de zaak nog niet is geleverd en de prijs
nog niet betaald. Twee belangrijke en bepalende elementen van het
verkoopcontract zijn dus:
Een verkoopcontract, zelfs afgesloten via het internet, is enkel geldig opgesteld als de koper volledig op de hoogte is van alle informatie over het goed, als de prijs werd vastgelegd tussen de partijen en als de partijen hun goedkeuring geven (enerzijds om zo'n goed tegen die prijs te kopen, anderzijds om zo'n goed aan die prijs te verkopen).
Als een particulier goederen wil kopen en verkopen via het
internet kan hij dat op twee manieren doen. In de eerste plaats kunnen koper en
verkoper met elkaar contact opnemen via e-mail, gegevens uitwisselen, de
voorwaarden van de verkoop bespreken, het contract sluiten en daarna uitvoeren
(door het goed te leveren en te betalen). In dat geval zijn er slechts twee
partijen in deze transactie: de koper en de verkoper.
Bij een andere, gangbare oplossing stelt de verkoper een goed te koop op een
webplatform (zoals ebay, Priceminister...), waarop hij de verkoopsvoorwaarden
(kenmerken, levering, prijs...) aangeeft. In dat geval zijn er geen twee, maar
drie partijen: de koper, de verkoper en het platform dat de partijen met elkaar
in contact bracht. Er worden verschillende contractuele relaties tussen de
partijen aangegaan.
Vooraleer het verkoopcontract op internet wordt gesloten, moet de verkoper de
verplichtingen respecteren, die hem zijn opgedragen door de traditionele regels
die de verkoop beheersen. Deze periode noemt men de "precontractuele periode"
omdat ze de uitwisseling van de goedkeuring voorafgaat, waaruit het contract
ontstaat. De algemene verplichting die de verkoper werd opgelegd in deze
precontractuele periode is een informatieverplichting ten aanzien van de koper.
Het is uiterst belangrijk dat de verkoper aan de koper alle informatie meedeelt
die het voor de koper mogelijk maakt de opportuniteit van de koop te evalueren
en een onbevooroordeelde goedkeuring te geven.
De inhoud van deze informatieverplichting kan telkens variëren, maar men kan
beschouwen dat de koper zeker van de volgende informatie op de hoogte moet zijn:
Het contract zal als afgesloten worden beschouwd zodra de koper aan de
verkoper heeft bevestigd dat hij dat goed tegen die prijs wil kopen. Deze
bevestiging kan worden uitgevoerd hetzij door een dubbelklik, hetzij door
e-mails uit te wisselen, of op een andere manier, bijvoorbeeld, op het platform
dat de partijen met elkaar in contact bracht.
De contractuele
ontwikkeling zal over het algemeen op het volgende neerkomen:
Er kunnen problemen optreden in geval van slechte wil van een van de partijen.
Bijvoorbeeld als een van de partijen beweert nooit een contract te hebben
gesloten. Het is dus heel belangrijk alle e-mails (en andere documenten) die
tussen de partijen werden uitgewisseld, te bewaren. Die bevatten alle
belangrijke elementen van het contract en van het akkoord tussen de partijen.
Het Burgerlijk Wetboek heeft de bewijsvoorschriften georganiseerd tussen de
particulieren, afhankelijk van het bedrag van de onderliggende transactie: voor
bedragen minder dan 375 euro mag de particulier het bewijs op "elke wettelijke
manier" leveren, d.w.z. met alle middelen. U kunt dus een kopie van een e-mail
voorleggen, maar wel op voorwaarde dat de auteur ervan duidelijk
identificeerbaar is! Dat sluit de gevallen uit waar personen hun echte
identiteit niet meer gebruiken, maar een gebruikersnaam.
Als het bedrag meer dan 375 euro bedraagt, is het wenselijk een geschreven en
getekend document of een e-mail met elektronische handtekening voor te leggen.
Bij ontstentenis kan de e-mail enkel worden beschouwd als een "begin van een
schriftelijk bewijs", dat minder bewijskracht heeft dan een werkelijk geschreven
en getekend document.
Er kan zich ook een ander probleem voordoen, namelijk een fout die is
opgetreden, een misverstand tussen de partijen, betreffende het gekochte of
verkochte goed, de verkoopsvoorwaarden... zelfs dat alle misverstanden door de
verkoper werden opgezet, om zo de goedkeuring van de koper te krijgen.
Elke verkoper is van rechtswege verantwoordelijk voor de correcte uitvoering
van het gesloten contract. Dat betekent dat hij de levering van een besteld
goed moet garanderen, zonder schade en overeenkomstig met de eigenschappen
die in het aanbod worden vermeld.
Een verkoper kan niet ontsnappen aan deze verantwoordelijkheid, behalve in
drie situaties:
Inzake verkoop die wordt gesloten via internet, is de verzending van het
goed een van de elementen die de verkoper het minst beheerst, daarom komt
hier een derde partij tussen: de leverancier.
In elk geval, als u een particulier bent en u wil de risico's, die verbonden
zijn aan de levering van het goed dat u verkoopt, beperken, opteer dan voor
een manier van levering met een opvolging van de leveringen (bijvoorbeeld
een aangetekende zending).
Overeenkomstig artikel 1641 van het Burgerlijk Wetboek is de verkoper
"gehouden tot vrijwaring voor de verborgen gebreken van de verkochte zaak,
die deze ongeschikt maken tot het gebruik waartoe men ze bestemt, of die dit
gebruik zodanig verminderen dat de koper, indien hij de gebreken gekend had,
de zaak niet of slechts voor een mindere prijs zou hebben gekocht".
Deze garantieverplichting is van toepassing op elke verkoper, professioneel
of niet. Ze biedt de koper de mogelijkheid het goed terug te geven en de
prijs terugbetaald te krijgen, of het te houden en een deel van de prijs
terug te krijgen. Indien de verkoper op de hoogte was van de gebreken van
het goed moet hij bovenop de terugbetaling van de prijs die hij ervoor
kreeg, een schadeveroeding en intresten tegenover de koper betalen.
Omgekeerd, als de verkoper niet op de hoogte was van de gebreken van het
goed moet hij enkel de prijs die hij ervoor kreeg en de kosten die de koper
deed bij de verkoop, terugbetalen.
Deze wettelijke garantie, georganiseerd door de artikels 1626 en volgende van het Burgerlijk Wetboek is gericht op het beschermen van de koper tegen:
Als twee particulieren online een verkoopcontract sluiten, kan er op verschillende manieren worden betaald:
In elk geval, vanaf het ogenblik dat er "online" moet worden betaald (via kredietkaart, e-bankingplatform) moet de koper dubbel opletten en er zeker van zijn dat de betaling in een veilige omgeving gebeurt. Daartoe volstaat het te kijken naar het adres van de website waarop u zich bevindt (httpS: de S betekent dat de verbinding beveiligd is) of onderaan te kijken naar de webbrowser waar een hangslot moet verschijnen, zodat u in een gesloten en beveiligde omgeving werkt (onderaan, rechts van de browser).
De platformen zijn websites die het voor de kopers en verkopers mogelijk
maken elkaar te ontmoeten, door gecommercialiseerde zaken online te zetten.
Deze activiteit is natuurlijk niet risicoloos. Sinds de opkomst van het
internet en de online-verkoop zijn er heel wat geschillen ontstaan en die
ontaarden dan in meerdere gerechtelijke procedures.
De verantwoordelijke van het platform kan dus twee types
verantwoordelijkheden krijgen:
Er zijn inderdaad risico's, aangezien men goederen koopt en verkoopt via het
internet. Naast de risico's verbonden met online-fraude of het niet-leveren,
is er een risico opgetreden dat de internetparticulieren zich nooit hadden
kunnen inbeelden en dat in het begin van 2006 veel furore maakte: de
hoedanigheid van handelaar. Per definitie is een handelaar een persoon die
handelsdaden uitvoert. Om te weten wat een handelsdaad is, heeft de
Handelswet een aantal handelingen gedefinieerd die als dusdanig worden
beschouwd: bijvoorbeeld kopen om te verkopen. Deze handeling is typisch voor
een handelaar.
Zo werd op 12 januari 2006 een Elzasser van 46 veroordeeld tot 3.800 euro
boete, waarvan 2.300 met uitstel, door de correctionele rechtbank van
Mulhouse voor het doorverkopen van een groot aantal goederen op de
veilingsite eBay gedurende twee jaar. Hij werd beschouwd als een verhuld
handelaar en werd veroordeeld voor de verheimelijking van zijn
handelsactiviteiten. Er moet toch worden vermeld dat hij 470
verzamelobjecten verkocht tussen 2003 en 2005.
Met een dergelijke hoedanigheid van handelaar had de particulier immers
btw-plichtig moeten zijn, een ondernemingsnummer moeten hebben of
ingeschreven zijn in het handelsregister...
Praktische fiche gerealiseerd door het CRID, gecoördineerd door Benjamin Marthoz.